Verhaal van een dag

Het was de donderdag voor vrijdag de dertiende, misschien heeft dat er iets mee te maken dat het een aparte dag is geworden. We zijn een paar dagen op verlate kerstvakantie in het niet zo bruisende Garderen. De hangbedden hebben mijn rugpijn geen goed gedaan. De pijn in mijn maag heeft me een slapeloze nacht gegeven. Ik zit dus wat versuft aan het ontbijt. Dan gaat, alweeeeer, de telefoon. Grappig dat je weken thuis kunt zitten wachten op een telefoontje en er gebeurt niets en dan ben je drie dagen weg en gaat iedereen ineens bellen.

Of ik geïnteresseerd ben in een opdracht van een half jaar. Natuurlijk, alleen kan ik nu even niet reageren, want in Garderen kennen ze geen Wifi-verbinding. Geen probleem zegt mijn vriendelijke recruiter.

Uitchecken en naar de bus. We zijn wat vroeg dus kijken we vanaf het bankje naast de bushalte naar de donkere, voorbijstuivende wolken. Gelukkig is het nu nog droog. Uit luiigheid nemen we de bus helemaal naar Amersfoort. Wel een beetje raar dat we voor we Amersfoort inrijden van bus moeten wisselen, maar ja, hier kan dat blijkbaar nog.

We zijn ruim op tijd voor onze trein naar station Zuid, waar we afscheid nemen. Ik fiets ietwat puffend onder het gewicht van mijn rugzak naar huis. Vlak voordat ik thuis bent wordt voor mijn ogen een oude vrouw aangereden. De jongen in de knalgele auto heeft het niet door en wil weg rijden, maar als ik naar hem schreeuw kijkt hij achterom en ziet de vrouw op straat liggen. Er staan snel wat andere mensen om heen. Terwijl ik 1-1-2 bel haalt de buurman een kussen om onder het hoofd van het slachtoffer te leggen.

Wat duurt het toch vreemd lang om een ambulance aan te vragen. Eerst de meldkamer, als ze begrijpen dat ik een ambulance nodig heb verbinden ze me door. Ik krijg een vriendelijke maar wat wazige vrouw aan de lijn die eerst nog problemen heeft met het ‘systeem’. “Ik ga u zo helpen hoor”. Dan moet ik een eindeloze lijst vragen beantwoorden voordat ze eindelijk een ambulance belt.

Twee politiewagens zijn eerder ter plekke, maar ook dat vind ik best lang duren als je bedenkt dat we bijna naast het politiebureau wonen. Maar goed. Als de politieagenten het onderling eens zijn over wie wat gaat doen is de ambulance er gelukkig ook. Het lijkt erop dat de enkel van de vrouw gebroken is, er stroomt bloed uit. Ik kan daar niet zo goed naar kijken. Als een politieagent mijn gegevens heeft opgenomen mag ik weg. Ze gaan mij later nog bellen voor een verklaring zegt de man. Nooit gebeurd.

De rest van de middag besteed ik aan het doornemen van mijn mail. Hierin zit ook de beschrijving van de opdracht. Klinkt leuk. Ik maak een afspraak met de recruiter voor maandagmorgen, om nog even de puntjes op de i te zetten. Daarna moet ik nog even regelen dat ik mee kan rijden naar de volleybalwedstrijd in Naarden, want eigenlijk zou ik nog niet terug zijn. Lukt allemaal.

Gelukkig is het droog en fiets ik naar Oost voor ons ambitieuze plan om 5 man in een Panda te stoppen. Eigenlijk gaat dat best heel goed. De wedstrijd is niet veel soeps en we verliezen met 3-2. Als ik buiten een sigaretje aan het roken ben raak ik in gesprek met een meisje dat even aan het bijkomen is van haar linedance-training. Ze vertelt me dat ze op dit moment les heeft van een wereldkampioene die net terug is uit de States en dat ze volgend jaar ook mee gaat doen aan de wereldkampioenschappen in Orlando. Leerzaam gesprekje.

Terug in Amsterdam fiets ik tegen de wind naar huis als ik bij de Amstelbrug plotseling iemand op de grond zie liggen. De jongen is wel bij kennis maar heeft geen enkel idee dat hij gevallen is. Een aankomende fietser helpt de man overeind en zet hem tegen de leuning van de brug aan. Een meisje op een scooter heeft een oude handdoek die de jongen kan gebruiken om het bloed dat uit zijn gebarsten lip loopt op te vangen. Ik pak zijn sleuteltjes en afgebroken fietslamp en we wachten op de ambulace. Nu is de politie net iets eerder dan de ambulance. De broeders nemen het slachtoffer mee naar het ziekenhuis omdat hij zich van het hele voorval niets kan herinneren. Een beetje rillerig van alle voorvallen van vandaag fiets ik naar huis.

Ik slaap weer niet goed, maar misschien is dat ook niet zo verwonderlijk.

Print Friendly, PDF & Email