Een ongenode gast zo wordt Dick ter Haar, schrijver van detectives genoemd onder uitgevers. Dick loopt al drie jaar heen en weer met zijn manuscripten, maar bij iedere uitgever krijgt hij te horen dat het hen spijt, maar zijn boeken zijn niet goed genoeg om uit te geven.

Hallo Dick, weet jij misschien hoe dat komt?

Dick: “ Hallo, je begint trouwens wel meteen met een hele moeilijke vraag. Natuurlijk kan ik dat niet precies weten. Maar ik denk dat het komt, omdat de uitgevers van de oude slag zijn vervangen door een jongere generatie. Natuurlijk weten die niet wat een goede detective is.”

Je gaat er dus wel vanuit dat je boeken goed zijn?

Dick:” Natuurlijk. Moet je je voorstellen: je loopt drie jaar met je manuscripten van uitgever naar uitgever te zeulen. De eerste paar weken denk je, ik ben gewoon niet goed genoeg. Dan ga je dus betere boeken schrijven. Die worden ook weer afgewezen en ga zo maar door. Maar op een gegeven moment weet je gewoon: het ligt niet aan mij, het ligt aan hen!”

Wanneer bereik je dat moment waarop je je borst opblaast en de uitgevers de schuld gaat geven?

“Dat is natuurlijk nooit precies te zeggen. Dat groeit langzaam. Ik denk ongeveer na de tweede keer, dan heb je er uiteraard genoeg van.”

Wat vind jij zo goed aan je boeken?

“De sfeer. Er hangt een gespannen sfeer in elk boek van het begin tot het einde. Van de moord tot de afscheidsscene tussen de detective en de schoonheid.”

Maar dat is toch allemaal oude koek? Ik kan me voorstellen dat een uitgever dat afwijst. Vertel eens wat is de inhoud van je laatste boek?

“ Het gaat om de moord op een zakenman. De detective staat voor een raadsel; de man schijnt geen vijanden gehad te hebben, hij was altijd edelmoedig en gul. Zijn beeldschone dochter weet de detective, na hem verleid te hebben, zo ver te krijgen de zaak op te geven. Twee dagen later sterft hij, vergiftigd. De dochter van de zakenman lacht hem nog uit als hij zijn laatste woorden uitspreekt: ‘Ik houd van je’. De moordenares neemt de zetel van haar vader in. De zucht naar macht straalt uit haar ogen.”

Dit boek verschilt wel met wat je net vertelde. Hoe komt dat?

“Ja, net wat ik zei, je gaat steeds wat anders proberen. Dit boek heb ik nog niet bij een uitgever aangeboden. Eigenlijk wil ik dat ook niet. Ik vind het zonde van het goede boek.”

Of je bent gewoon bang voor een nieuwe teleurstelling.

“ Dat is niet waar! Ik weet drommels goed hoe goed mijn boeken zijn.”

Ik geloof dat ik dit interview maar ga afsluiten. Ik vind het jammer dat je de uitgevers van Nederland niet weet te waarderen. Dick bedankt en misschien tot een volgende keer.

Maar Dick is al weggelopen.

Het is al twee maanden geleden dat ik dit interview heb afgenomen. Toevallig zag ik gisteren een boek van hem in de boekenwinkel liggen. Nieuwsgierig heb ik het gekocht en gelezen. Het was een science-fiction. In het voorwoord schreef Dick: “ … sorry voor de slechte kwaliteit van dit boek.”  Het was een goed geschreven met een verrassend origineel verhaal.

Natascha Gutterswijk
28 januari 1987

Print Friendly, PDF & Email